Deeltijdse werkhervatting: een cruciale sleutel in de strijd tegen langdurige uitval
Het artikel (28 juli) in De Morgen, waarin professor arbeidsgeneeskunde Lode Godderis wijst op het beperkte gebruik van progressieve werkhervatting, legt een belangrijk pijnpunt bloot: amper één op tien werknemers die minder dan een jaar arbeids-ongeschikt zijn, hervat het werk deeltijds. Nochtans weten we uit wetenschappelijk onderzoek én uit de praktijk dat een goed begeleide, geleidelijke terugkeer naar het werk één van de krachtigste hefbomen is om langdurige uitval te voorkomen.
Als arbeidspsycholoog die werknemers begeleidt tijdens hun re-integratie, zie ik dagelijks hoe complex dit vraagstuk is. Tegelijk ben ik ervan overtuigd dat we het debat soms te eenzijdig voeren.

De oorzaak ligt niet alleen bij de zieke werknemer
Wanneer het aantal langdurig zieken jaar na jaar blijft stijgen, kijken beleidsmakers vaak naar de sociale zekerheid, de uitkeringssystemen of de re-integratieprocedures. Dat zijn belangrijke elementen, maar naar mijn mening ligt de hoofdoorzaak elders: in de manier waarop werk vandaag in veel organisaties georganiseerd wordt.
Hoge werkdruk, voortdurende bereikbaarheid, personeelstekorten, gebrek aan autonomie, onvoldoende leiderschap en een beperkte aandacht voor psychosociaal welzijn zorgen ervoor dat steeds meer werknemers tegen hun grenzen aanlopen. Burn-out, stressgerelateerde klachten en langdurige psychische uitval ontstaan zelden in een vacuüm.
Als we het aantal langdurig zieken echt willen terugdringen, moeten we dus niet alleen kijken naar hoe mensen terugkeren naar het werk, maar ook naar de omstandigheden waarin zij moeten werken. De grootste winst valt te behalen binnen ondernemingen zelf.
Overheidsmaatregelen blijven te beperkt
Zowel de huidige als vorige regering hebben enkele (m.i. beperkte/eenzijdige) maatregelen genomen t.a.v. re-integratie. Oorzaken en oplossingen worden gezocht bijv. in het voorschrijfgedrag van huisartsen. Ook de “aangekondigde” fit note is daarvan een voorbeeld.
Het ontbreekt volgens mij aan de nodige daadkracht om organisaties fundamenteel aan te zetten tot menselijker werk. De focus ligt nog te vaak op het activeren van de werknemer, terwijl er veel minder aandacht gaat naar preventie, werkorganisatie en de structurele oorzaken van uitval.
Zolang we werknemers blijven laten terugkeren naar een werkomgeving die mee aan de basis lag van hun gezondheidsproblemen, zullen de resultaten beperkt blijven.
Werkhervatting kan deel uitmaken van het herstel
Dat betekent echter niet dat werk moet worden gezien als een bedreiging voor herstel. Integendeel.
Voor veel mensen kan een progressieve werkhervatting juist een belangrijke stap zijn in het genezingsproces. Werk biedt structuur, sociale contacten, zingeving en een gevoel van competentie. Mits de timing juist zit en de omstandigheden aangepast zijn, kan werk bijdragen aan herstel.
De sleutel ligt in het woord “gepast”. Een te vroege werkhervatting werkt contraproductief. Een te lange afwezigheid verhoogt dan weer het risico op vervreemding van de werkvloer en maakt de terugkeer steeds moeilijker.
Daarom vraagt elke situatie een individuele beoordeling waarbij medische, psychologische en arbeidsgerelateerde factoren samen bekeken worden.

- De huisarts als cruciale vertrouwenspersoonIn dit verhaal hebben huisartsen een bijzonder belangrijke rol.Voor veel patiënten is de huisarts de eerste en meest vertrouwde gesprekspartner tijdens ziekte. De manier waarop er over werk wordt gesproken, heeft vaak een grote invloed op de houding van de patiënt tegenover een toekomstige terugkeer.
Dat betekent niet dat de huisarts de rol van werkgever, adviserend arts of arbeidsarts moet overnemen. Wel kan hij of zij patiënten helpen nadenken over de mogelijkheden die nog aanwezig zijn, het gesprek over werk openhouden en hen stimuleren om tijdig stappen te zetten richting herstel en, wanneer haalbaar, richting werkhervatting.
De toekomstige fit note kan hierbij mogelijk een ondersteunend instrument worden, omdat ze vertrekt vanuit wat iemand nog wél kan in plaats van uitsluitend te focussen op beperkingen.
Samenwerking maakt het verschil
Succesvolle re-integratie vraagt samenwerking tussen alle betrokken partijen: werknemer, werkgever, arbeidsarts, adviserend arts, behandelende zorgverleners én huisarts.
Als arbeidspsycholoog wil ik huisartsen daarom expliciet de hand reiken. Vanuit mijn expertise begeleid ik werknemers bij het herstelproces, de opbouw van arbeidsmogelijkheden en de voorbereiding van een duurzame terugkeer naar het werk. Samen kunnen we ervoor zorgen dat werknemers niet te vroeg, maar ook niet onnodig laat opnieuw aansluiting vinden met hun professionele leven.
Want uiteindelijk delen we hetzelfde doel: mensen helpen herstellen, hun gezondheid versterken en hen op het juiste moment, via de juiste stappen en met de gepaste ondersteuning opnieuw duurzaam aan het werk krijgen.
Met vriendelijke groet,
Paul Dondeyne, 4.08.2026



